Momtalk: Aimée

Aimée Jong (30) is negen weken geleden voor de tweede keer moeder geworden, van dochter Charlie. Samen met haar vriend Erik hebben ze al een dochter Ruby, van bijna drie. Hoe combineert Aimée haar baan bij De Nederlandse Bank, het moederschap en tijd voor haarzelf? 

“We wonen sinds een paar jaar weer in Schagen, de plek waar we allebei van oorsprong vandaan komen. Ik huurde daarvoor een huis in Amsterdam, maar we zagen het niet zitten om in de stad te blijven. Een van ons moest sowieso gaan reizen: Erik werkt veel in Schagen, ik in Amsterdam. Daarnaast wonen de opa’s en oma’s ook in Schagen. Uiteindelijk viel de keuze dus op die stad.

Hoe waren jouw zwangerschappen?

De eerste weken was ik erg misselijk, maar ik wilde het nog niet vertellen aan mijn collega’s. Wat was dat lastig! Verder heb ik eigenlijk twee keer een hele relaxte zwangerschap gehad, waarbij ik weinig last had van kwaaltjes. Allebei de keren heb ik tot vier weken voor de uitgerekende datum doorgewerkt. Bij mijn tweede zwangerschap merkte ik wel meer dat ik echt toe was aan verlof. Op een gegeven moment begon mijn lichaam me steeds meer signalen te geven, bijvoorbeeld in de vorm van pijnlijke felle steken in mijn buik tijdens het lopen, dat het tijd was om meer rust te nemen. Ik vond dat zo lastig: ik wilde op mijn werk alles goed achterlaten, Ruby nog alle aandacht alleen geven en ook in huis alles klaar maken. Ik was als de dood dat de tweede baby eerder zou komen, en het thuis nog niet klaar zou zijn en ik geen rust had gehad. Gelukkig liet Charlie een weekje extra op zich wachten.

Wat ik heel bijzonder vond tijdens mijn zwangerschappen is de liefde en aandacht die je van mensen om je heen krijgt. Iedereen is lief en geïnteresseerd en proberen je te ontlasten. Het is ook iets magisch: een mensje in je buik laten groeien.

 

Dit bericht bekijken op Instagram

 

Een bericht gedeeld door Aimée Anna Joëlle Jong (@aimeejong) op

Dat is het ook! En hoe kijk je terug op de bevallingen van Ruby en Charlie?

Op mijn eerste bevalling had ik me niet echt voorbereid. Ik had geen idee wat me te wachten stond, dus ik maakte me er ook niet echt druk om en liet alles gewoon op mij afkomen. Ik wist alleen dat ik graag in het ziekenhuis wilde bevallen. Pas toen ik zwanger was van mijn tweede, en ging nadenken over de bevalling, besefte ik me dat die eerste bevalling best heftig was geweest. Ik verloor 2,5 liter bloed omdat de placenta niet los kwam. Uiteindelijk moest ik naar de operatiekamer om de placenta operatief te laten verwijderen. Mijn vriend moest zijn shirt omhoog trekken en kreeg onze dochter op zijn borst gedrukt, om huid op huid contact te maken direct na de geboorte. Hij had ondertussen geen idee hoe het met mij ging. Op dat moment zelf dacht ik, natuurlijk onder invloed van alle adrenaline, ik heb een gezonde baby, ik vind het allemaal wel prima.

Toen ik 36 weken zwanger was van de tweede ben ik overgedragen aan het ziekenhuis. Daar vertelde de gynaecoloog me dat er een kans van veertig procent was dat mijn placenta weer operatief verwijderd moest worden na de bevalling. ‘Ga er maar gewoon vanuit’, zei zij, ‘dan kan het alleen maar meevallen.’ Met die kennis gingen we er allebei een stuk relaxter in, we wisten waar we aan toe waren. En ja, ik moest weer naar de OK, maar ik was er dit keer sneller uit. Dit keer kon ik ook zelf helpen bij Charlie voor de eerste keer aankleden, een ervaring die ik bij Ruby had gemist – toen kwam ik uit de OK en was zij al helemaal klaar.

Bij mijn eerste bevalling had ik gekozen voor een ruggenprik. Er zat al veertien uur op en ik bleef hangen op vier centimeter ontsluiting. Bij de tweede bevalling stagneerde ik weer bij zes centimeter, terwijl ik echt helemaal op was. Ik mocht kiezen tussen een morfinepompje of ruggenprik. Ik dacht wederom voor de ruggenprik te gaan, maar de verpleegkundigen raden me sterk het pompje aan. Daar ben ik achteraf heel blij om, want daardoor heb ik echt kunnen ervaren hoe het voelt als je kindje geboren wordt – dat had ik de eerste keer niet. Ook fijn dat je daarnaar weer meteen mobiel bent en zelf kunt douchen. Ik heb dat later ook nog aangegeven in het ziekenhuis: wat fijn dat jullie bij mij aanstuurden op een pompje.

Hoe zag jouw postpartum periode eruit?

Een wereld van verschil tussen de eerste en de tweede keer! Bij Ruby was alles nieuw. Als ze moest huilen kon ik wel eens gefrustreerd raken: wat is er toch aan de hand? Met Charlie ben ik zoveel relaxter, ik kan veel meer op mijn gevoel vertrouwen en maak ik me niet snel meer druk. Ik heb daardoor het gevoel dat ik er ook meer van kan genieten.

Ik herinner me van mijn kraamtijd met Ruby hoe al dat bezoek me soms stress bracht. Ik gaf nog borstvoeding, maar vond het vaak vervelend om dat in bijzijn van andere mensen te doen. Het bezoek moest precies tussen twee voedingen komen. Kwamen ze te laat of bleven ze langer hangen, dan was ik alleen maar bezig met Ruby stil houden of zat ik zelf het grootste deel boven te voeden. Dit keer hebben we een kraamborrel gegeven toen Charlie zes weken oud was. Tot die tijd zijn er wel wat familie en vriendinnen op bezoek geweest, vooral veel mensen waarbij ik me op mijn gemak voelde om eventueel in hun buurt te voeden. Ik kan iedereen zo’n kraamborrel aanraden!

Na de eerste bevalling ben ik nog wel een paar weken erg moe geweest, dat kwam door al dat bloedverlies. Maar ik heb me, tot twee keer toe, verbaasd over hoe snel mijn lichaam zich herstelt. Het viel me mee hoe snel de kilo’s er weer af waren, omdat ik eigenlijk altijd alleen maar andere verhalen hoor. Wat me juist tegenviel, is hoe lang het duurt voordat je weer echt helemaal jezelf bent. Onder invloed van hormonen kun je je echt nog een lange tijd ‘anders’ voelen. Bij Ruby dacht ik daar toen niet over na, maar na een jaar dacht ik “ ik ben er weer helemaal”. Ik heb het idee dat dat nu veel sneller zal gaan.

 

Dit bericht bekijken op Instagram

 

Een bericht gedeeld door Aimée Anna Joëlle Jong (@aimeejong) op

En hoe gaat het nu, het gezinsleven met twee kids en een drukke baan?

Ik reis vier dagen per week zo’n 2,5 uur per dag. Ik ga met de trein, want ik moet in het centrum van Amsterdam zijn, daar zit ons hoofdkantoor. Om zes uur ‘s ochtends ben ik al onderweg. Ik gebruik de heenreis vaak om alvast wat werk dingen te doen, zoals mailtjes beantwoorden, maar de terugweg beschouw ik als me-time (als dat met werk lukt tenminste). Ik beantwoord appjes of scroll even door mijn Instagram. Het voordeel van die telefoon-tijd in de trein, is dat ik bij thuiskomst direct kan focussen op mijn gezin. Ik kom namelijk rond spitsuur aan, dus dan moet je ook wel alles even aan de kant zetten.

Weggaan voordat Ruby ‘s ochtends wakker werd en dan pas in de avondspits thuiskomen was door de week vaak de realiteit. In de avond probeerde ik de tijd zonder haar een beetje in te halen door samen te gaan douchen of boekjes te lezen. Dat is dan ons moment.

Het ochtendprogramma is voor het grootste gedeelte van de week voor mijn vriend, de avonden doe ik. Vanaf het koken tot het in bed stoppen. Als ik tegen hem zeg dat ik jaloers ben dat zij samen de dag relaxt starten, zegt hij dat het hem ook wel eens heerlijk lijkt om ‘s ochtends alleen jezelf klaar te maken en de deur achter je dicht te trekken in alle vroegte. Er is ongetwijfeld voor allebei wat te zeggen.

Kijk je er naar uit terug naar werk te gaan?

Toen ik zwanger was van Ruby riep ik het hardst van iedereen dat het me niet zou veranderen, een kindje krijgen. Ik zou na mijn verlof gewoon weer even hard aan het werk gaan. Hoewel het destijds na een paar weken ook begon te kriebelen, merkte ik toch dat mijn prioriteiten verschoven waren. Mijn gezin kwam op nummer één, andere dingen op de tweede en derde plek. Je wordt veel selectiever in waar je je tijd aan wilt besteden, als tijd zo kostbaar is geworden. Inmiddels voel ik ook weer de kriebels om straks weer aan de slag te gaan, om dat stuk van mijn leven ook weer op de pakken. Fulltime thuis zijn is niets voor mij. Tegelijkertijd moet ik ook nog wennen aan het idee dat Charlie straks niet meer alleen van mij is, maar dat ze ook naar de opvang en naar opa’s en oma’s gaat.

Hoe bewaar jij de balans?

De juiste balans vinden en houden is best een zoektocht. Soms gaat weken goed en is er een goede verdeling tussen werk, ons gezin (en ook met z’n twee) en tijd voor mezelf. Wat er als eerste bij in schiet bij mij is sporten. Voordat Ruby er was ging ik drie keer in de week sporten, nu ben ik al heel blij als het me één keer in de week lukt. Natuurlijk kun je ‘s avonds best nog sporten als de meisjes op bed liggen, maar het is heel fijn (en belangrijk!) om ook af en toe even samen op de bank te hangen en niets te doen. Ik heb geaccepteerd hoe het nu is.

Ik probeer altijd op tijd naar bed te gaan. Als ik alles vol wil houden en overal nog een beetje gezellig wil verschijnen, moet ik voldoende slaap hebben. Ook dat is niet altijd makkelijk: er is immer altijd nog wel een was te vouwen of een nieuwe serie op Netflix, maar ik doe wel mijn best me hieraan te houden. Ik weet dat het belangrijk is voor mijn mentale gezondheid. Oh, en ik raad iedereen een schoonmaakster aan!

 

Dit bericht bekijken op Instagram

 

Een bericht gedeeld door Aimée Anna Joëlle Jong (@aimeejong) op

Hoe zorg jij voor #howaboutmomtime?

Soms hoor ik van moeders dat ze geen tijd hebben om te douchen. Dan maak je toch tijd! Je kunt je helemaal overleveren aan jouw huishouden, of af en toe gewoon keuzes voor jezelf maken en goed plannen. Ik regel het met mijn vriend of oppas (opa & oma) als ik met een vriendin koffie wil drinken of een bezoekje aan de kapper wil brengen. Zeker nu Charlie nog afhankelijk is van mijn borstvoeding, vind ik het heel belangrijk om ook goed voor mezelf te blijven zorgen. Als ik niet lekker in mijn vel zit, dan heeft de rest van het gezin daar ook last van. Maar ook als ik straks weer aan het werk ga wil ik daar op blijven letten. Je hebt dat soort momenten voor jezelf echt nodig en ik wordt er een leukere moeder en vriendin van.

Jouw advies voor andere (aanstaande) moms?

Probeer te vertrouwen op je gevoel, durf los te laten en wees flexibel. Ik heb altijd alles willen plannen en dat kan niet altijd meer als je eenmaal kinderen hebt. Daar gefrustreerd over raken werkt averechts, dus kijk gewoon what’s next. Je kunt werk, een gezin, huishouden en tijd voor jezelf prima combineren als je de boel goed regelt. Durf ook voor jezelf en jouw tijd op te komen. Jij bent de spil in het gezin, dus goed voor jezelf zorgen is geen luxe, maar een noodzaak.”