Saskia Assenbroek schreef een boek over haar ervaring met postpartum depressie
08/02/2024

Saskia schreef een boek over haar ervaring met postpartum depressie

Twee keer maakte Saskia Assenbroek een postpartum depressie mee. Over haar ervaringen en zoektocht naar hulp daarbij schreef ze het boek Heb je mij gezien?. De titel kwam vanzelf, zegt Saskia: ‘Ik heb me een tijd niet gezien en gehoord gevoeld door de zorgprofessionals om mij heen, terwijl ik aangaf dat het niet goed met me ging.’

Wanneer merkte je voor het eerst dat het niet goed met je ging?

‘Al tijdens het laatste trimester van mijn eerste zwangerschap merkte ik dat het niet goed met me ging. Ik werd angstiger om alleen thuis te zijn nadat ik een heftige bloedneus had gehad en bij de eerste hulp van het ziekenhuis was geweest. Daarnaast was ik heel erg moe en ik liep moeizaam. Dit heb ik allemaal aangegeven bij de verloskundigen, maar mijn klachten werden niet als verontrustend beoordeeld. Er zijn wel meer zwangere vrouwen die moe zijn richting het einde van hun zwangerschap en het wat spannend gaan vinden als de bevalling in zicht komt.’

Paniekaanval in de kraamweek

‘In de kraamweek voelde ik me echt heel beroerd en dat was voor iedereen duidelijk en zichtbaar. Ik had een week lang vrijwel niet geslapen vanwege enorme spanning die ik in mijn lijf en hoofd voelde. Ik had ook nauwelijks eetlust terwijl ik wel was begonnen met het geven van borstvoeding. Door de enorme vermoeidheid en spanningen, kreeg ik twee keer een paniekaanval waarbij ik het gevoel had dat ik doodging. Zowel mentaal als fysiek ging ik heel snel achteruit. Ik had eigenlijk geen energie en interesse om iets met mijn pasgeboren dochtertje te doen.’

‘Na zes dagen kreeg ik slaapmedicatie van de huisarts. Daarmee ging het in eerste instantie iets beter, maar ik merkte al snel dat dit niet voldoende was om mij uit het zwarte gat te trekken. Ik bleef bij de zorgprofessionals om mij heen aangeven dat ik met heel veel moeite de dag door kwam en dat het echt te zwaar voor mij was. Ik probeerde om zoveel mogelijk de zorg voor mijn dochter aan anderen uit te besteden en zo min mogelijk alleen thuis te zijn met haar, want dan raakte ik vaak helemaal in paniek.’

Ik wist ook niet wat ‘normaal’ was

‘Toch bleef iedereen denken dat ik wat meer tijd dan gebruikelijk nodig had om te herstellen van de zwangerschap en de heftige kraamweek. Aangezien ik pas voor de eerste keer moeder was geworden, wist ik ook niet wat ‘normaal’ was in deze periode en wat echt afwijkend was. Dus ik probeerde mee te gaan in de gedachte dat ik alleen wat meer tijd nodig had.’

‘Heel krampachtig deed ik mijn best om enkele weken na de bevalling ook weer iets ‘leuks’ te doen, zoals visite ontvangen of bij iemand op bezoek gaan. Na afloop was ik dan compleet uitgeput. Ondertussen bleef ik lichamelijke klachten houden zoals continue duizeligheid, spierspanning in mijn benen, heel slecht slapen en weinig eetlust. Daarbij huilde mijn dochtertje veel en lukte het vaak niet goed om haar te troosten.’

Verwijzing naar de GGZ

‘Na ongeveer zeven weken ging ik weer naar de huisarts en dit keer gaf ze me een verwijzing voor de GGZ. Nog eens drie weken later kon ik daar terecht. Inmiddels was ik met antidepressiva begonnen, maar ik had in het begin veel last van de bijwerkingen. Per saldo voelde ik me dus nog beroerder en was tot niets meer in staat.’

‘Door verschillende soorten therapie die ik bij de GGZ kreeg in combinatie met de medicatie, ben ik uiteindelijk hersteld van de depressie. Bij elkaar heeft dat wel bijna 2 jaar geduurd. Toen mijn dochtertje ongeveer acht maanden oud was, is mijn band met haar zich pas echt gaan ontwikkelen.’

Wens voor een tweede kindje

‘Mijn man en ik wilden toch nog graag een tweede kindje, omdat we een broertje of zusje wilden voor onze dochter en ik wilde graag een herkansing om het hopelijk een keer op een fijnere manier mee te maken. Vooraf hadden we allerlei voorzorgsmaatregelen getroffen en afspraken gemaakt met de huisarts, de verloskundigen en de GGZ. Zo ben ik bijvoorbeeld geen borstvoeding gaan geven, heb de eerste 3 weken geen enkele nachtvoeding gedaan, ik heb meer contact gehad met de huisarts en 3 dagen na de bevalling ben ik gestart met medicatie om mijn stemming ‘stabieler’ te houden. Op deze manier ben ik de eerste periode met mijn zoontje veel beter doorgekomen. Ik heb deze tijd rustiger en bewuster meegemaakt, was beter in staat om te zorgen voor mijn kind en ik kon me vanaf het begin beter hechten aan hem. Toch bleef ik ook vlak met een sombere stemming en was heel erg vermoeid. Een half jaar na de bevalling werd alsnog een milde depressie vastgesteld en ben ik weer met antidepressiva begonnen. Tegen de tijd dat ik deze medicatie weer helemaal had afgebouwd en het gevoel had dat ik mijzelf weer herkende en goed voelde, was mijn zoontje 2 jaar.’

Wat vond je zelf fijn om te doen, wat hielp je in die tijd?

‘De steun van mijn familie, schoonfamilie en vrienden is heel waardevol geweest tijdens mijn depressies. Er zijn heel vaak mensen bij mij geweest om gewoon samen de dag door te komen. Ik was meestal niet in staat om veel te praten, want dat was te vermoeiend en daarbij lag ik overdag ook regelmatig op bed. Maar het idee dat ik niet alleen de hele dag verantwoordelijk was voor de zorg voor mijn kind(eren) zorgde ervoor dat de spanning in mijn lijf minder werd. Mijn man probeerde natuurlijk om de zorg zoveel mogelijk op zich te nemen, maar hij moest ook naar zijn werk toe.’

‘Ik heb ook een aantal keer thuisbegeleiding gehad. Dan kwam er iemand bij mij thuis en gingen we meestal oefenen met zelfstandig de deur uit gaan met mijn kind. Dat lukte me niet goed en betekende dus dat ik dan de hele dag thuis zat.’

‘Verder hielp het mij om te mogen praten over hoe het met me ging en wat ik voelde. Bij de GGZ heb ik individuele therapie gehad en groepstherapie met lotgenoten. Het was fijn om herkenbare verhalen te horen en meer kennis over en inzicht te krijgen in mijn depressie. Daardoor werd ook duidelijker wat ik er zelf aan kon doen om te herstellen.’

‘Daarnaast heeft het mij geholpen om activiteiten te ondernemen, samen met mijn dochter, zoals een cursus babymassage en babyzwemmen. Ik was heel erg moe en zag er tegenop om met haar naar buiten te gaan, maar de terugkerende wekelijkse activiteiten gaven structuur aan de week en het waren momenten dat ik in ieder geval met haar bezig was.’

‘Tot slot was het bijhouden van een dagboek een belangrijk houvast voor mij in die tijd. Al in de kraamweek was ik daarmee begonnen om op zijn minst alle afspraken met zorgverleners bij te houden. Heel kort schreef ik op hoe mijn dag en nacht waren geweest en welke mensen langs waren geweest of hoe het met mijn dochter ging. Het op papier zetten van deze feitelijke informatie was voor mij het bewijs dat ik geleefd had op deze dagen. Later lukte het me ook om meer gevoelens te noteren. Daardoor kon ik teruglezen hoe de situatie geweest was en werd mijn vooruitgang beter zichtbaar.’

Hoe kijk je er nu op terug? Hoe heb je je postpartum depressies verwerkt?

‘Ik dacht dat ik mijn beide postpartum depressies wel achter me had gelaten, omdat ik er helemaal van hersteld was en de relatie met mijn kinderen zich uiteindelijk prima ontwikkeld had. Toch kwam ik er tijdens een coachopleiding in 2018 achter dat het nog helemaal geen afgesloten hoofdstuk was. Ik had nog veel verdriet over hoe die jaren waren geweest en welke gevolgen er aan verbonden waren. Vanaf de eerste depressie was ik niet meer aan het werk geweest en ik zag er tegenop om aan een vaste baan te beginnen, omdat er dan een extra verantwoordelijkheid bij zou komen. Verder zag ik veel werkende moeders met jonge kinderen op een bepaald moment thuis zitten met een burn-out. Een baan buitenshuis leek me goed voor de afwisseling en mijn gevoel van eigenwaarde, maar ik wilde echt niet het risico lopen om opnieuw uit te vallen, dus ik bleef thuis bij de kinderen.’

‘Mijn toekomstbeeld van hoe het zou zijn als moeder van jonge kinderen heb ik enorm moeten bijstellen. Ik had gedacht dat ik het allemaal prima zou redden en die eerste jaren echt fantastisch zou vinden. In plaats daarvan vond ik het vaak zwaar en was ik voortdurend bezig om mijn mentale gezondheid prioriteit te geven. Na de coachopleiding besloot ik daarom om van betekenis te willen zijn voor vrouwen die ook te maken krijgen met psychische klachten rondom de zwangerschap en na de bevalling en ben mijn eigen praktijk Coach met Aandacht gestart.’

‘Daarnaast heb ik het boek ‘Heb je mij gezien?’ geschreven, dat in november 2023 is uitgekomen. Ik ben ervan overtuigd dat ik hoe dan ook deze depressies had gekregen vanwege een erfelijke aanleg en andere factoren, maar het was voor mij wel heel helpend geweest als de eerste depressies veel eerder gesignaleerd was. Dan had ik eerder hulp kunnen krijgen en was ik er niet zo diep in terecht gekomen. Het is lastig om een goed onderscheid te maken tussen klachten die nog passend zijn bij een vrouw die zwanger of net bevallen is en klachten die aangeven dat er mentaal echt meer aan de hand is.’

‘Ik denk dat de zorgverleners om mij heen naar hun beste kunnen en weten gehandeld hebben, maar onvoldoende kennis en inzicht hadden om mij op tijd door te sturen voor de juiste behandeling bij de GGZ. Om die reden hebben ook 12 deskundigen meegeschreven aan mijn boek. Iedereen schrijft vanuit een andere invalshoek over de signalering en behandeling van een postpartum depressie en welke impact het heeft op de moeder, maar ook op haar partner, haar kind en de rest van haar omgeving. Telkens wordt dit duidelijk gemaakt met voorbeelden uit mijn verhaal.’

Wat hoop je dat er verandert in de zorg bij postpartum depressie voor (aanstaande) moeders?

‘De boodschap die ik aan zorgverleners wil meegeven is: neem echt de tijd om te vragen en door te vragen hoe het met de moeder (óf de vader) gaat in deze bijzondere, maar ook kwetsbare periode van het (aanstaande) ouderschap. En als een ouder aangeeft dat het niet goed gaat, dan is de kans groot dat er nog maar een klein stukje van het hele verhaal verteld wordt. Over het algemeen zijn er namelijk heel veel schaamte- en schuldgevoelens bij dit thema, dus de drempel is hoog om er zelf over te beginnen als ouder. Maak het uitgebreid bespreken van het mentaal welzijn van de beginnende ouder een standaard onderdeel van de reguliere zorg rondom de ouders en hun kindje.’

‘Ik kan zeggen dat ik de depressies inmiddels heb opgenomen in mijn levensverhaal. Ze horen bij mij. Ze hebben me mede gevormd tot wie ik nu ben en wat ik nu doe. Het heeft me geholpen om er de afgelopen jaren telkens weer over te praten, zodat ik het beter ben gaan begrijpen. Met het schrijven van het boek zijn er nog weer nieuwe antwoorden bijgekomen en dat heeft me ontzettend goed gedaan.’

Saskia: ‘Mijn boek is een oproep aan zorgverleners om klachten van (aanstaande) moeders serieus te nemen en door te vragen. Zo wordt postpartum depressie hopelijk eerder herkend. Ik hoop dat ik met mijn ervaringen en inzichten nu voor zowel ouders als zorgprofessionals  van betekenis kan zijn en daar zet ik me graag voor in.’

Foto’s Saskia door Ruby Salazar de la Jara

How About Mom in jouw inbox?

Meld je aan voor onze maandelijkse nieuwsbrief