Sinds ik moeder ben – mijn zoontje is nu ruim 1 jaar en 8 maanden oud – merk ik ontwikkelingen niet alleen bij mijn zoontje, maar ook bij mezelf als moeder. Ik voel me bijvoorbeeld zelfverzekerder in de keuzes.
Keuzes als: wat voor kleren trek ik hem aan, wat zeg ik tegen hem, waar gaan we naartoe, wat voor eten geef ik hem, enzovoort. Dat komt doordat ik hem steeds beter leer kennen en zijn behoeften beter begrijp. Maar ook doordat ik meer op mijn moederlijke intuïtie durf te vertrouwen en het ‘perfect willen doen’ beter kan loslaten.
Dan heeft hij maar een keer honger als we ergens zijn of wordt hij nat en heb ik geen droge kleren bij me. Voor alles is een oplossing en uiteindelijk is bijna niets echt heel erg. Ik probeer het natuurlijk goed te doen, maar ik heb ook geleerd om mezelf niet voorbij te lopen.
Aan mezelf denken
Natuurlijk zijn er dagen waarop ik het gezeur of huilen beter aankan dan op andere dagen, maar over het algemeen lukt het me steeds beter om ook aan mezelf te denken terwijl ik tegelijk aan zijn behoeften voldoe.
Ik ruim bijvoorbeeld op of maak schoon terwijl hij erbij is. Dan helpt hij mee of doet hij iets anders. Zo hoef ik dat niet later te doen als hij slaapt en kan ik dan ook zelf uitrusten. Misschien is dat wel echt waar moederschap meer om zou moeten draaien: aan jezelf kunnen denken terwijl je voor je kinderen zorgt. Iets waar je eigenlijk al tijdens de zwangerschap mee begint te oefenen.
Rituelen bij andere gezinnen
Ik ben vaak nieuwsgierig naar hoe andere moeders dingen doen, zoals eten geven of naar bed brengen: welke rituelen en trucjes gebruiken ze? Ik vind het daarom fijn om af en toe tips uit te wisselen met andere moeders, uit mijn centering pregnancy groepje of andere ouders die ik ontmoet in de speeltuin. Snacktips, ideeën voor speelgoed, stepjes of fietsjes, slaaptrucjes en rituelen: alles is welkom. Er zijn oneindig veel onderwerpen waar we als ouders over kunnen praten.
Elk huisje heeft z’n kruisje
Tegelijkertijd is wat je buitenshuis van elkaar ziet natuurlijk anders dan hoe het er binnenshuis echt aan toegaat: wat er tegen een kind gezegd wordt en hoe er gehandeld wordt. Soms zou ik wel eens bij anderen naar binnen willen kijken, gewoon om inspiratie op te doen qua opvoeding. Bijvoorbeeld over het avondeten: wat wordt er gegeten, welke borden, bakjes en bekers worden gebruikt, wie zit waar en wordt er zelf gegeten of gevoerd?
De grootste uitdaging (met een kind van bijna 2) hier thuis is het verzorgen van gezond eten dat hij ook nog lust én redelijk makkelijk zelf kan eten. Soms mis ik de tijd dat hij nog gewoon geprakte hapjes at en wij een pizza konden eten zonder dat hij daar iets van wilde. Nu kan ik (helaas) geen koekje of snack meer eten zonder dat hij dat ook wil. Het is dus een beetje gedaan met het snacken, of alleen stiekem.
Nog een dingetje: die wisseling van de seizoenen – of eigenlijk de seizoenen die in Nederland soms door elkaar lijken te lopen. Iedere dag vraagt weer andere kleding en spullen om te verzorgen of mee te nemen: van regenpak en skipak tot sandalen en zwemkleding. Van fiets en zandbak tot binnenactiviteiten zoals knutselen of tekenen in de winter.
Dus ja, ik ben moe én dankbaar dat ik dit mag doen: zorgen voor mijn kind(eren). Het is veel werk én heel vervullend. Als ik zijn glimlach zie en hij “mama” roept als ik de slaapkamer binnenkom, of als hij schaterlacht omdat hij iets grappig vindt. Of als hij zó blij is om mij te zien wanneer ik hem ophaal van de kinderopvang… dan voel ik: dit is waar ik het voor doe.
