Mijn bevallingsverhaal: Hannah’s zoontje was een sterrenkijker

11 februari 2018. Rond een uur ‘s nachts was het zo ver. Ik nestelde mezelf lekker in bed met het voornemen om heerlijk lang te slapen. Tot ik op mijn zij rolde en ineens ‘plop’ hoorde. Paniekerig voelde ik tussen mijn benen. Oh shit, het leek wel alsof ik in bed had geplast. Meteen rolde ik als een soort walrus in slowmotion uit bed, om vervolgens naar de wc te waggelen. In die paar meter verloor ik inderdaad doorzichtig vocht waarvan ik meteen dacht dat het vruchtwater was. SHIT, ik wilde nog helemaal niet bevallen. Ik was er niet klaar voor. 

Ik was pas de 20ste uitgerekend. In mijn hoofd was het niet mogelijk dat de baby eerder zou komen dan de twintigste. Overdag liep ik nog door de Ikea te banjeren, niets gaf aan dat mijn bevalling er al aan zat te komen. Na een korte vlaag van paniek probeerde ik mijn kalmte weer terug te vinden en ben ik op de valreep maar mijn ‘vluchtkoffer’ – oftewel een lelijke boodschappentas – gaan volgooien met spullen. Kleertjes, pasjes, een pyjama voor mezelf, make up. Als een kip zonder kop graaide ik in het rond en gooide ik van alles in de tas. 

Op naar de koelkast. Daar hing een oranje briefje van de verloskundige, waarop stond wat ik moest doen als mijn vliezen gebroken waren. Er stond dat ik gewoon kon douchen en gaan slapen en de volgende ochtend pas weer hoefde te bellen. Oké, als dat er staat dan zal het wel kloppen. De douche in, proberen wat verlichting te zoeken, want ik had inmiddels al behoorlijk wat weeën. Toch probeerde ik na het douchen nog even in bed te gaan liggen. Ik had geen idee hoeveel tijd er tussen de weeën zat en hoe lang dit allemaal nog zou duren. Ik heb tijdens de zwangerschap als single moeder alles alleen gedaan en was ook nu tijdens de start van mijn bevalling alleen. Ik was stiekem wel lichtelijk in paniek, omdat ik nogal een controlfreak ben en ik nu alles behalve controle ervaarde. 

Met spoed naar het ziekenhuis

Ik had mijn moeder al wel een appje gestuurd met de mededeling dat ik dacht dat mijn vliezen gebroken waren, maar die sliep natuurlijk allang. Ik wilde haar niet onnodig wakker maken. Omdat ik toch wel veel last had van de weeën besloot ik de doula app op mijn telefoon op te starten. Een rustgevende stem moedigde mij aan om de weeën weg te puffen en een spa resort achtig muziekje kalmeerde me. In de app had je een timer waar je kon klikken als de wee begon en weer als die voorbij was. Echter zag ik na twee en half uur dat mijn weeën toch wel erg kort op elkaar en regelmatig kwamen. 
Rond 04:00 heb ik dan toch maar mijn moeder wakker gebeld. Zij kwam er zo snel mogelijk aan. Mama trof mij in bed aan, ik was op dat moment totaal gefocust op de rustgevende muziek van de app. Na een tijdje heeft zij toch maar de verloskundige gebeld. Er kwam een verloskundige die ik nog nooit had gezien en zij was pas 23 jaar oud. IK vond dat best spannend, maar ze stelde me snel op mijn gemak. Ondertussen had mijn moeder in de vroege ochtend samen met mijn broertje het bevalbad dat ik gehuurd had klaargezet in de woonkamer. Daar wilde ik graag gaan bevallen. Ik zag het helemaal voor me. Rustgevende liedjes, kaarslicht, wierook en het warme water. Mijn ideale bevalling.

Toen het moment aanbrak dat mijn verloskundige zei dat ik wel naar het bad mocht toe lopen, bleek dat ik door de pijn echt niet meer in staat was om normaal te lopen. Al uren had ik erg veel pijn aan mijn onderrug en stuitje en had ik het gevoel dat ik moest persen. Ik had daarnaast een weeënstorm, waarbij ik na elke wee ongeveer 20 seconde de tijd had voor de volgende wee zich alweer opvolgde. De verloskundige ging toch maar weer eens voelen hoe ver de ontsluiting zich al had gevorderd. Al enkele uren bleef ik maar hangen op 4 cm en ook nu was het niet meer geworden. Het gezicht van de verloskundige werd ernstig en zij liep weg naar de gang om te overleggen met mijn moeder. Ondertussen was ik maar als een gek elke wee aan het weg puffen. Besef van tijd had ik inmiddels niet meer, maar het was inmiddels al 11 uur in de ochtend geweest. De verloskundige vertelde me dat ze bij het voelen iets hards voelde en dat zij niet kon zeggen of dit een kinnetje was of iets anders, ik moest dus met spoed naar het ziekenhuis om een echo te laten maken. Op dat moment raakte ik even in paniek. Ik kon niet meer normaal lopen, hoe zou ik dan die hele weg naar het ziekenhuis moeten afleggen?!

In mijn bubbel door de pijn

Mijn moeder heeft mijn vader gebeld zodat hij mij naar het ziekenhuis kon brengen. De verloskundige en mijn moeder hebben me snel wat kleding aangedaan en vervolgens ben ik strompelend en schreeuwend van de pijn naar de auto gelopen. Ik kon steeds maar een paar stapjes lopen, waarbij ik mijn vader keihard in zijn handen kneep. De twee trappen die ik af moest duurde voor mijn gevoel wel een kwartier, de weeën bleven elkaar zo snel opvolgen. Voor mijn gevoel strompelde ik halfnaakt (lees: ik had geen bh) door de straat naar de auto van mijn ouders, terwijl om me heen dronken mensen op straat liepen die carnaval aan het vieren waren. Het contrast was enorm. De rit naar het ziekenhuis leek wel een uur te duren en al die tijd moest ik iets wat voor mij voelde als persdrang tegenhouden.

Eenmaal aangekomen in het ziekenhuis werd ik meteen in een rolstoel naar de afdeling gereden. Ik wist al een beetje hoe het er uitzag in het ziekenhuis, omdat ik voor de zekerheid tijdens de zwangerschap toch een rondleiding heb gedaan voor het geval ik in het ziekenhuis zou bevallen. Het grappige is dat de kamer die we toen te zien kregen als voorbeeld, precies de kamer was waar ik in mocht bevallen.

Na wat uren leek te duren, werd er een echo gemaakt van mijn buik. Ik zat in mijn eigen bubbel door de pijn en heb de gehele tijd met een nat washandje over mijn ogen gezeten, geschreeuwd en gepuft. Tijdens de echo keek mijn kleine man recht de camera in. Het bleek dat hij een sterrenkijker was en daardoor ‘vast’ zat. Dit verklaarde ook de felle pijn in mijn onderrug en stuitje, omdat hij daar met zijn hoofdje steeds tegenaan beukte. Hij kon de weg niet vinden. Ik kreeg de optie om vaginaal met een knip te bevallen, of met een keizersnede. Ik koos voor het eerste. Nu ik al zo lang bezig was, wilde ik het liefst ook de klus ‘zelf’ klaren. Nadat ik nog een tijd lang heb gepuft en gegild werd er weer gevoeld en bleek ik in ieder geval 6 cm ontsluiting te hebben. Het was inmiddels een uur of 2 in de middag.

Non-stop weeën

Ondertussen namen ze bloed om de conditie van mijn zoontje te testen en hebben ze een sensor op zijn hoofd bevestigd zodat ze alles goed konden monitoren. Vervolgens kreeg ik de mededeling dat het de artsen beter leek als ik een ruggenprik kreeg, omdat zij dachten dat ik niet voldoende energie en kracht meer zou hebben voor het ‘echte’ werk. Wat was ik blij dat ze zelf aangaven dat ik een ruggenprik kon gebruiken. Minder fijn was dat het nog erg lang duurde voor ik terecht kon op de afdeling waar ze deze zette. Nog vervelender was dat ik daar aangekomen te horen kreeg dat ik even stil moest zijn voor de andere patiënten. Dit kon ik echter niet. Ik kon alleen maar gillen om te voorkomen dat ik moest persen en ik had non-stop weeën. Het was ook een hele opgave om rechtop te gaan zitten en dan vooral stil te zitten toen zij de ruggenprik gingen zetten. Na de ruggenprik voelde ik de verdoving verspreiden en eindelijk had ik een stuk minder pijn en kon ik mijn ogen open doen en contact maken met mijn omgeving. Mijn moeder was gelukkig al die tijd bij me.

Al snel na de ruggenprik voelde ik dat mijn baby er uit wilde en ik moest gaan persen. Dit gaf ik ook aan, maar ik moest nog wachten tot ik terug naar de kamer gebracht werd. Eenmaal daar aangekomen heb ik de artsen en verloskundigen eindelijk in hun ogen aan kunnen kijken en kon ik weer wat lachen en praten met mijn ouders. Mijn vader was ook bij de bevalling aanwezig. Dit was niet de planning, maar doordat ik zo in paniek was en hij mij naar het ziekenhuis moest rijden, is dit zo gelopen. Zo lang hij maar achter mijn hoofd in de hoek bleef, vond ik het wel prima. Mijn gêne op dat moment was echt ver te zoeken en ik was alleen maar aan het overleven. Ik sprak een verloskundige aan en vroeg of zij even kon voelen hoeveel ontsluiting ik had, omdat ik voelde dat de baby er uit wilde. Deze vrouw gaf mij aan dat zij niet ging voelen, omdat dat volgens haar pas gebeurd was en ik toen nog geen volledige ontsluiting had. Toen heb ik een andere vrouw aangesproken en gesmeekt of zij even kon voelen. Dit deed ze. Zij gaf aan wat ik al dacht te voelen: ik had inmiddels wel tien centimeter ontsluiting.

Ik mocht op mijn linkerzij gaan liggen en hoefde eindelijk die persdrang niet meer volledig op te houden. Ik voelde hoe mijn baby steeds verder zakte. Uiteindelijk mocht ik weer op mijn rug draaien en kreeg ik te horen dat als ik een perswee had, ik mocht persen. Wat was ik blij! Het leek wel een film waar ik in zat. Mijn vader hield mijn hoofd tegen zodat ik druk kon zetten. Mijn moeder maakte foto’s. De gynaecoloog zette de knip en een ander hield weer de monitor in de gaten. Ondertussen maakte ik me toch een beetje druk of ik het down under wel goed geschoren had. Ik heb daar zelfs nog iets over geroepen… Ze gaven aan dat het prima gelukt was en dat ze wel wat gewend zijn 😉

Mijn grootste geschenk

Aanvankelijk dacht ik dat ik het persmoment van de bevalling het engst vond, maar wat was ik blij dat ik eindelijk iets mocht doen! Tijdens de laatste persweeën hebben ze met man en macht op mijn buik geduwd om de kleine man te draaien. Na een knip en maar 15 minuten persen was mijn kleine lieve jongen dan eindelijk daar. Hij zag er wel een beetje gehavend uit en had een behoorlijke zwelling op zijn hoofd. Ik vroeg voorzichtig of dit permanent zo bleef, maar ze stelden me gerust dat dit vanzelf weer weg zou trekken. Mutsje er over heen en er was al een stuk minder van te zien.

Mijn zoontje is precies om 17:17 geboren en zijn naam is Isaï (je spreekt het uit als Isa-ie). Dit is een bijbelse naam en het betekent: ‘geschenk van god’. Deze kleine kerel is mijn grootste geschenk en vanaf het eerste moment dat ik hem vasthield, wist ik dat ik er alles aan zou doen om hem gelukkig te maken.

Meteen nadat de placenta kwam, waren de weeën gelukkig voorbij en was die stekende pijn in mijn rug weg. Ik voelde me high en gelukkig. Het eerste dat ik volgens mijn vader zei tegen de gynaecoloog, was dat ik vroeger altijd met poppen speelde en altijd al moeder wilde worden. En dat is uitgekomen.


Hannah is alleenstaande moeder van een zoontje genaamd Isaï Mason (3). ‘Ik heb vooral de zwangerschap in mijn eentje en de eerste drie maanden als moeder als erg eenzaam en heftig ervaren, maar ik heb ook geleerd dat wij vrouwen ontzettend sterk zijn.’ Meer lezen over Hannah.