Mijn verhaal: zwanger door een eiceldonatie

Als Veronique op haar 31ste probeert om in verwachting te raken, blijkt er een probleem te zijn met haar eicellen. Na een zwangerschapstraject van vijf jaar, raakt ze uiteindelijk in verwachting via eiceldonatie. Aan How About Mom vertelt Veronique haar verhaal.

“Ruim een half jaar geleden ben ik bevallen van onze dochter. Het is voor mij zo bijzonder en helend dat ze er eindelijk is. Als ik naar haar kijk, dan kan ik mij niet voorstellen hoe het geweest zou zijn als mijn man en ik genetisch gezien wél samen een kindje hadden gekregen. Wij zijn namelijk zwanger geworden via eiceldonatie. Omdat hier weinig bekend over is, deel ik graag mijn verhaal met jullie.

Mijn man en ik waren al jaren samen toen ik 31 was en we besloten om voor een kindje te gaan. Toen er na een paar maanden nog geen zwangerschap was, wilde ik een aantal zelftests doen. Ook m’n man moest meedoen. Uit zijn zelftest bleek dat er niet voldoende zaadcellen waren. Een behoorlijke schok voor ons allebei. In eerste instantie hoopten we nog dat die test niet klopte. Via de huisarts belandde m’n man in het ziekenhuis waar  definitief bevestigd werd dat hij inderdaad veel te weinig zaadcellen produceert om op de natuurlijke manier zwanger te raken. Er was wel voldoende zaad voor ICSI (een ivf methode). De onderzoeken bij mij zagen er gelukkig prima uit. Het bericht dat we op natuurlijke manier niet zwanger konden worden, hakte er flink in. Na een fijne vakantie gingen we vol vertrouwen het medische traject tegemoet. 

Starten met ICSI

Bij de eerste ICSI-poging viel de opbrengst qua aantal eicellen tegen. Dit bleek echter in het niet te vallen bij het telefoontje dat ik een dag later ontving. Het zaad van mijn man had in de eerste instantie wel de eicellen bevrucht, maar de embryo’s die waren ontstaan stopten al snel met delen. Ik kreeg dus geen terugplaatsing van een embryo. Ik stond op de tennisbaan toen ik gebeld werd. Geen idee hoe ik het voor elkaar heb gekregen om daarna nog verder te spelen. 

Bij het evaluatiegesprek gaf de arts aan dat het lastig was om deze poging te duiden omdat er ook weinig eicellen waren. Ik wilde zo snel mogelijk meer duidelijkheid hebben. De medicatie werd aangepast en we gingen gelijk door voor nóg een ICSI poging. Er waren nu wel meer eicellen maar helaas weer een telefoontje dat de embryo’s stopten met delen en er geen terugplaatsing plaats kon vinden. 

M’n wereld stortte op dat moment in. Het was vlak voor kerst en ik kon het echt niet aan om gezellig met de familie kerst te gaan vieren. M’n zusjes werden wel snel zwanger en intussen waren er al wat neefjes en nichtjes. Ik zag kerst, gezelligheid en baby’s helemaal niet zitten. Een week lang heb ik niet kunnen werken: ik kon alleen maar huilen en mezelf verdoven met stomme nietszeggende serie op Netflix. Vlak voor de start van ons medisch traject waren we verloofd en gelukkig bood het organiseren van de bruiloft daarna wel de nodige afleiding. 

Second opinion

In het evaluatiegesprek zei de arts dat zij dacht aan een probleem met mijn eicellen en dat ze ons niet verder konden helpen. Dit zagen we totaal niet aankomen en de conclusie dat we nooit kinderen samen zouden krijgen, ging voor ons veel te snel. We besloten voor een second opinion naar Gent te gaan omdat daar een goede arts zit die veel weet over eicelkwaliteit. Na extra onderzoeken deden we daar ook nog twee pogingen, helaas resulteerde dit ook niet in een terugplaatsing. We waren definitief uitbehandeld en hadden eigenlijk nooit een kans gehad om zwanger te worden. Dit bleek, zoals in Nederland al vermoed werd, te komen door mijn eicelkwaliteit. Waarom mijn eicelkwaliteit zo slecht was is onbekend. Sommige mensen hebben nu eenmaal deze pech. De klap van het slechte nieuws in Gent kwam voor ons wederom hard aan, gelukkig wel wat minder hard dan bij de eerste twee behandelingen in Nederland. Misschien verwachtte ik al slecht nieuws?!

Eiceldonatie

Ik was intussen 33, we waren twee jaar verder en er was duidelijk geworden dat we samen geen kinderen konden krijgen. Een ingewikkelde fase brak aan; wat nu? Blijven we met z’n tweeën? Hoe denken we over adoptie? En er bleek ook zoiets als eiceldonatie te bestaan. Voor we in de medische mallemolen belandden had ik hier nog nooit van gehoord; dat er vrouwen zijn die een andere vrouw het geluk van een kind gunnen en daarom een gedeelte van een IVF-traject ondergaan om eicellen te doneren. Ik vond dit zo bijzonder en het liefst wilde we dit verder verkennen. 

Dit bleek al een wereld op zich te zijn: zo bestaan er anonieme en niet-anonieme eicellen, ook kiezen sommige mensen voor een eicelbank en anderen voor een bekende donor (al dan niet via een oproepje op internet). We hadden veel gesprekken met elkaar en mensen in onze omgeving, we zochten veel op internet en lazen boeken over wat donatie kan betekenen voor kinderen. Eén van de eerste conclusies was dat een bekende donor (al dan niet via een oproepje) minder goed bij ons past. Dus bleef de optie van een eicelbank over. 

Er zijn in Nederland drie eicelbanken, de vraag naar eiceldonoren is echter veel groter dan het aanbod. Vanwege het tekort aan eicellen in de eicelbank is de wachttijd vaak meerdere jaren. Zo zijn er ook vrouwen die in de vervroegde overgang zitten en eicellen van een ander nodig hebben om zwanger te raken. Of vrouwen die vanwege een ziekte geen eicellen hebben en vrouwen die vanwege een kankerbehandeling slechte eicellen hebben. 

Door het tekort in Nederland zie je dat veel vrouwen naar het buitenland gaan voor eiceldonatie, veel gaan naar Spanje of bijvoorbeeld naar Tsjechië. In veel van deze landen is eiceldonatie echter anoniem. Dat wil zeggen dat de kinderen geen contactgegevens van de donor kunnen krijgen. In Nederland is bij wet geregeld dat een kind (vanaf 16 jaar) de contactgegevens van de donor op kan vragen zodat hij of zij contact kan zoeken.

Ik ben zelf nieuwsgierig aangelegd en ook al weet ik dat een eventueel kindje via eiceldonatie niet op mij hoeft te lijken, toch wil ik de kans niet ontnemen dat op latere leeftijd contact gezocht kan worden met de donor. Anonieme donatie was voor ons dan ook geen optie. Per toeval kwamen we erachter dat er nog twee landen zijn waar ze een vergelijkbaar eicelbanksysteem hebben als in Nederland, alleen dan wél met voldoende donoren. We hebben één land en kliniek verder verkend. We kregen hier een goed gevoel bij en zijn hier van start gegaan. 

Opluchting

Wederom brak een spannende tijd aan. Na de vele teleurstellende telefoontjes de afgelopen jaren waren de paar dagen waarin de embryo zich ontwikkeld in het laboratorium zenuwslopend. Het was zo’n opluchting toen er goede embryo’s bleken te zijn; eindelijk een keer goed nieuws. En na vier terugplaatsingen was het zover: we hadden een positieve test in handen! Onze blijdschap kon niet op. Wel vond ik het eerste trimester best spannend. Als je op zoveel punten heb gezien dat het mis kan gaan dan is een doorgaande zwangerschap totaal geen vanzelfsprekendheid meer. Na het eerste trimester kon ik echt genieten en had ik eindelijk het gevoel dat het goed zat en goed zou blijven. Begin 2020 is na een traject van bijna 5 jaar onze lieve en mooie dochter geboren. De bevalling verliep voorspoedig (ik wist niet eens dat je kon bevallen zonder er hechtingen aan over te houden) en ook de borstvoeding kwam goed op gang. Ik genoot en geniet nog steeds van alles, het is zo fijn en bijzonder dat ze er nu is.

Voordat we het traject met eiceldonatie in zijn gegaan, had ik al best wel wat gelezen over wat dit voor kinderen kan betekenen. Wij willen hier naar onze dochter open over zijn. Tijdens de zwangerschap heb ik nog meer gelezen, ook over hoe je kinderen van verschillende leeftijden zo goed mogelijk kan begeleiden bij afstammingsvragen. Zo vertel ik m’n dochter nu al met regelmaat dat er een lieve mevrouw is geweest die heeft geholpen door haar eitje te geven. Ook hoop ik dat er in de toekomst nog een broertje of zusje komt, wie weet hebben ze later steun aan elkaar. Ik ben ook bevriend geraakt met een aantal vrouwen die ook via eiceldonatie zwanger zijn geworden. Wie weet raken onze kinderen bevriend en kennen ze zo ook andere kinderen met een vergelijkbaar verhaal.”