Celeste Engwerda is specialist ouderengeneeskunde en gewend om families te begeleiden in het afscheid van hun dierbaren. Maar in 2023 stond ze zelf aan de andere kant: als moeder die haar zoontje verloor na een zwangerschap die eindigde bij 22,5 week. Benjamin leefde acht minuten.
Omdat ze niet wist waar ze met haar gedachten en emoties naartoe moest, begon ze te schrijven. Wat eerst losse notities waren, groeide uit tot een boek waarin ze beschrijft wat er medisch, praktisch en emotioneel gebeurde. How About Mom ging erover met haar in gesprek.
Je bent Benjamin na een zwangerschap van 22,5 week verloren. Kun je vertellen wat er is gebeurd?
“Het eerste trimester was al een rollercoaster. De gynaecoloog zag een dik baarmoederslijmvlies en wist niet wat dat betekende. Later kregen we eindelijk goed nieuws: alles zag er goed uit. Dat hebben we gevierd met familie en vrienden. Maar op een avond, na mijn werk, tijdens een etentje met collega’s, voelde ik vocht lopen. Ik rook meteen dat het vruchtwater was. En dat met 20 weken zwangerschap. Ik wist gelijk: dit is foute boel. In het ziekenhuis werd mij verteld dat ik binnen 24 uur zou gaan bevallen. Dat betekende ook dat ze niks voor mij en Benjamin konden doen. Pas na 24 weken – als je kindje levensvatbaar is – kan medische hulp worden ingeschakeld.”
“We werden opgenomen, maar ik beviel niet. We werden overgeplaatst naar een academisch ziekenhuis en zij stuurden ons naar huis. Op de echo zag alles er nog goed uit. Een kloppend hartje, Benjamin groeide goed. Dat was zo raar en bizar, maar het zorgde ook voor ontzettend veel hoop. Misschien zou er wel een wonder gebeuren. Zou het me lukken om de 24 weken zwangerschap te halen. Ik merkte dat ik me echt vasthield aan hoop. Mijn vriend was veel realistischer. De kans dat Benjamin het zou halen was namelijk nihil.”
“Eenmaal thuis was het wachten op de bevalling of op koorts. Voor een zwangere vrouw is het erg gevaarlijk om te lang met gebroken vliezen rond te lopen. Uiteindelijk is Benjamin nog 2,5 week bij me geweest. Helaas kreeg ik koorts en bleek dat mijn vruchtwater echt helemaal op was.”
En dan moet je de keuze maken om je bevalling te laten inleiden. Wetende dat je je zoon gaat verliezen. Wat gaat er dan door je heen?
“Het was vreselijk. We moesten in het ziekenhuis letterlijk de datum van de bevalling gaan plannen. En dat zou in ons geval niet alleen zijn geboortedatum worden, maar ook zijn overlijdensdag. Toch wisten we dat we die keuze moesten maken. De kans dat Benjamin gezond en levend wereld zou komen, was ontzettend klein. Maar eenmaal die keuze gemaakt, komt er toch een klein stemmetje. Misschien heeft hij toch een kans? Misschien is onze Benjamin een uitzondering? Het is een hele bizarre, hartverscheurende gedachtegang.”
“Uiteindelijk werd er een team samengesteld in het ziekenhuis en werd er een datum geprikt. Drie dagen later – vlak voordat het zou gebeuren – zagen ze dat mijn baarmoeder al klaar was om te bevallen. Dat gaf me rust: Benjamin had de 24 weken nooit gehaald. Dat nam een stukje schuldgevoel weg.”
Hoe kijk je terug op je bevalling?
“De gynaecoloog zei van tevoren: neem pijnstilling, want dit doet veel pijn en het is al pijnlijk genoeg. Maar ik wilde dat niet. De fysieke pijn leidde me af van de emotionele pijn. Ik was alleen maar aan het overleven. We wisten voorafgaand niet of Benjamin levend geboren zou worden. Maar toen hij kwam, leefde hij. Hij was niet oncomfortabel, het leek zelfs alsof hij het goed had. Hij pakte de vingers van mijn vriend vast en sloot zijn ogen. Na acht minuten overleed hij. Heel vredig.”
“Ik was zo blij hem te zien. Hij leek op Elisabeth. Heel even dacht ik zelfs: ze hebben zich vergist, hij ziet er levend uit en hij kan het leven wel aan. Ik wilde beschuit met muisjes, want hij was geboren. Pas na de crematie kwam het besef dat hij echt overleden was.”
Wat was het moment waarop je besloot jouw persoonlijke verdriet op te schrijven?
“Het was echt een proces. Benjamin werd met 22,5 week geboren en leefde acht minuten. Ik moest dus door een bevalling heen, fysiek herstellen, terwijl ik emotioneel helemaal uitgeput was. Ik zat thuis, kon niet werken en wist niet wat ik met mijn verdriet aan moest. Hardlopen deed ik altijd als ik het moeilijk had, maar dat kon natuurlijk niet. Ik was net bevallen.”
“Toen dacht ik: ik ga alles opschrijven. Het ordenen van mijn gedachten gaf me houvast. Het was een manier om Benjamin bij me te houden. Ik genoot er zelfs van, hoe confronterend en rauw het soms ook was. Ik heb nooit met tegenzin geschreven. En op een gegeven moment dacht ik: van al die losse flarden moet een verhaal komen, zodat Benjamin niet vergeten wordt. Voor mezelf, maar ook voor mijn vriend en voor onze dochters Elisabeth (2022) en Seraphine (2024).”
Hoe heeft het schrijven je geholpen in de rouw?
“Het schrijven gaf me het gevoel dat ik door die periode heen ging in plaats van eromheen. Elke keer dat ik iets opschreef, voelde het alsof ik een stukje van die chaos in mijn hoofd op de juiste plek kon leggen. Niet om het verdriet weg te maken, maar juist om het draaglijker te maken. Ik merkte ook dat tijdens het schrijven het pure verdriet even naar de achtergrond ging. Ik was bezig met formuleren, met terugdenken, met ordenen. En dat gaf lucht. Het maakte het verlies niet minder groot, maar het maakte het wel minder intens.”
“Daarnaast had ik heel sterk het gevoel: dit is mijn laatste kindje, en hij mag niet vergeten worden. Ik dacht serieus dat ik nooit meer zwanger zou durven worden. Dat besef maakte het schrijven nog belangrijker voor me. Het schrijven heeft me dus niet alleen geholpen bij het verwerken van het verlies, maar ook bij het vasthouden van Benjamin op een manier die kloppend voelde.”
En dan zijn al die losse flarden gebundeld in een boek. Hoe vond je het om terug te lezen?
“Heel heftig. Ik had alles heel gedetailleerd beschreven, heel rauw en eerlijk, zonder het idee dat iemand het zou lezen. Soms durfde ik het na een lange werkdag niet open te slaan, omdat het me zo hard raakte. Het verdriet kwam dan meteen weer boven. Maar tegelijkertijd was het ook heel mooi om het te herbeleven.”
“Toen ik 38 weken zwanger was van onze dochter, Seraphine, ben ik in overleg met de uitgever gestopt met schrijven. Het schrijfproces was al heel ver, maar mentaal was het te zwaar. Niet om door te blijven schrijven, maar juist ook om die losse flarden terug te lezen. Pas toen zij gezond en wel geboren was, kon ik verder.”
Wat heeft dit verlies je geleerd – als moeder en als arts?
“Ik ben specialist ouderengeneeskunde, dus ik ben opgeleid om mensen in hun laatste levensfase te begeleiden. Maar ineens was ik zelf patiënt. Alles wat artsen tegen mij zeiden – woorden die ik zelf soms gebruik – kwam zó anders binnen. Ik besefte hoeveel impact elk woord heeft.”
“Benjamin heeft me veranderd. In mijn werk ben ik bewuster, zachter, minder gehaast. En als moeder kijk ik met zoveel dankbaarheid naar mijn dochters. Mensen denken: je werkt weer, je rent weer, je hebt een tweede dochter, dus het gaat wel. Maar rouw is geen rechte lijn. Het is vallen en opkrabbelen.”
Wat hoop je dat mensen meenemen uit jouw verhaal?
“Ik hoop dat mensen herkenning vinden als ze ook een kind zijn verloren. Maar het is meer dan dat. We leven vaak met het idee dat alles maakbaar is. Ik ren hard, ik loop marathons, ik word dokter. Heel lang lukte het allemaal precies zoals ik wilde. Maar toen verloor ik Benjamin en besefte ik keihard: het leven is niet maakbaar.”
“Ik hoop dat mensen na het lezen van het boek denken: wauw, ik ben dankbaar voor wat ik heb. Benjamin heeft mij laten zien hoe bijzonder het is om mijn kinderen te mogen meemaken. Dat niets vanzelfsprekend is. Dat liefde het enige is dat echt telt.”
Celeste’s boek ‘Mijn Benjamin’ is te koop via Uitgeverij Avenir en Bol.com.

