02/08/2021

Mijn bevallingsverhaal: “Na 96 uur werd hij eindelijk geboren”

Auteur

Datum

Categorie

Share

Share on facebook
Share on linkedin

Geen enkele bevalling is hetzelfde. In deze bevallingsverhalen vertellen moeders over hun eigen ervaringen. Danja vertelt deze week over haar twee bevallingen, het herstellen van de bevalling en haar kraamperiodes. “Ik bleef op zoek naar die roze wolk, maar het lukte me niet hem te vinden.”

“In augustus 2018 ben ik bevallen van onze eerste zoon. Mijn zwangerschap was geweldig, mijn voorbereiding op de bevalling minimaal. ‘Er is nog nooit een kind blijven zitten’, hoorde ik meermaals, dus het zou mij ook wel lukken dacht ik. Op donderdagavond 2 augustus braken mijn vliezen. Hoewel ik het bel-advies uit mijn hoofd kende, twijfelde ik toch even wat we moesten doen. Het vruchtwater zag er mooi schoon uit, dus we besloten af te wachten.

De volgende ochtend belden we de verloskundige en ze zou bij ons langskomen. Om 16.30 uur was ze daar eindelijk. Mijn bloeddruk was goed en het hartfilmpje in orde, maar ze twijfelde of mijn weeën wel uit zichzelf zouden starten binnen 24 uur na de bevalling. Omdat de kans op infectie dan te groot wordt moet je worden ingeleid, zo is het protocol in veel ziekenhuizen. Zij belde het gewenste ziekenhuis, maar daar was helaas geen plek. We moesten uitwijken naar een ander ziekenhuis. Toen ze dat ziekenhuis aan de telefoon kreeg, bleek dat het protocol van inleiden na langdurig gebroken vliezen daar niet 24 maar 48 uur was. De inleiding zou dus nog even op zich laten wachten… Ik moest me wel de volgende dag in het ziekenhuis melden voor controles.

De verloskundige verdween en wij bleven weer achter. Bij ieder schopje of bij iedere beweging dacht ik dat het misschien een wee zou zijn. Want hoe dat precies voelt als je het nog nooit hebt meegemaakt, dat is maar moeilijk uit te leggen. Zaterdag om 12.00 uur moest ik me melden in het ziekenhuis. De vluchtkoffer en MaxiCosi gingen mee. Zou het dan vandaag gebeuren? Na allerlei onderzoeken en hartfilmpjes werden we ook nu weer naar huis gestuurd. Weer een dag wachten, weer een dag in spanning. Zondagmorgen moest ik terugkomen, dan zou ik worden ingeleid! Ik keek er inmiddels naar uit, maar was ook gespannen voor wat er komen zou. Om 08.00 uur meldden we ons in het ziekenhuis en werden we doorverwezen naar verloskamer 1. Na wat controles bleek dat ik 2 cm ontsluiting had.

Een bevalling van 96 uur

Ik kreeg een eerste tabletje om de ontsluiting op gang te brengen. Na 4 uur kreeg ik een tweede tabletje, de eerste had niets gedaan. Na dit tabletje heb ik het gevoel dat er iets op gang komt. Mijn man en ik proberen nog een spelletje te spelen als afleiding, maar dat wordt ruw onderbroken door de weeën. Het is inmiddels 16.00 uur als de weeën zo heftig zijn dat ik om pijnstilling vraag. De anesthesist heeft nog 2 spoedkeizersnedes dus ik moet geduldig zijn. Om 18.00 uur krijg ik eindelijk een morfinepompje en ik weet niet hoe snel ik steeds op het knopje moet drukken. Ik blijk 4 cm ontsluiting te hebben en om 21.00 uur krijg ik eindelijk een ruggenprik. Het lukt me eindelijk om even te slapen. Voordat de nachtdienst vertrekt, wordt er nog even een katheter geplaatst en krijg ik weeënopwekkers via een infuus. Nog een slangetje erbij kan geen kwaad. De derde shift dient zich aan, hopelijk maken zij wel de bevalling mee. Ik heb moeite om alle namen te onthouden en weet niet wie er allemaal aan mijn bed staan. Om 00.15 uur blijkt dat onze zoon een sterrenkijker is, een uur in stabiele zijligging moet dit verhelpen. Gelukkig werkt dit, weer een hobbel genomen. 

De ontsluiting vordert gestaag, de weeënopwekkers hebben hun werk gedaan. In een uur ben ik van 6 naar 9 cm gegaan. Rond 02.30 uur kan ik me voorbereiden op de bevalling. De ruggenprik wordt eraf gehaald en het is wachten op de persweeën. Mijn benen voelen zwaar en verlamd, ik heb zelfs het gevoel dat de ruggenprik iets te diep gezet is. Als ik denk dat ik persweeën heb, mag ik gaan beginnen. Helaas voel ik weinig aandrang, dus wordt er besloten me te helpen. Terwijl er een verpleegkundige op mij zit om op mijn buik te drukken, mijn man me goede moed inpraat, de verloskundige me coacht en twee verpleegkundigen toekijken, lukt het me niet op eigen kracht. Ik hoor het personeel woorden wisselen. Hulp is onderweg. Daar is de gynaecoloog. Even denk ik dat ik niets meer hoef te doen, maar deze ‘vriendelijke’ man introduceert zich met ‘Hallo, ik ben de dokter. Ik kom je helpen. Maar denk maar niet dat je niets hoeft te doen’. De moed zakte in mijn schoenen. Met behulp van de vacuümpomp is onze zoon om 05.46 uur geboren, ruim 96 uur na het breken van mijn vliezen.

Pijnlijke knip

De weken daarop waren heftig. Mijn herstel ging moeizaam, ik had veel last van de knip die werd gezet om onze zoon met de vacuümpomp te kunnen halen. Ook was ik steeds op zoek naar de roze wolk, maar het lukte me niet die te vinden. Ik vond het zwaar, loodzwaar, en telde de uren af tot mijn man weer thuiskwam van zijn werk. Daarnaast huilde onze zoon veel, hij had achteraf gezien veel last van de bevalling. Pas na 3 maanden kwamen we hierachter, na bezoek van een geweldige osteopaat. Niemand die ons in het ziekenhuis heeft verteld dat hij zo’n last van die vacuümpomp-bevalling zou kunnen hebben.

Na een aantal bezoeken aan de osteopaat gaat het stapje voor stapje beter met ons. Wel merk ik dat ik nog veel last heb van de knip die is gezet. Mijn eigen herstel, zowel mentaal als fysiek, laat ik verslonzen, maar ik pak mijn leven weer op en lijk er goed mee weg te komen. Als na een jaar één van mijn beste vriendinnen bevalt, blijkt ze ook ingeknipt te zijn. Na 6 weken zegt ze hier geen last meer van te hebben. De alarmbellen slaan weer aan in mijn hoofd, hoe heb ik hier zo lang mee kunnen lopen? Ik besluit hulp in te schakelen. Alleen mijn man was hiervan op de hoogte, ik besluit ook mijn familie en beste vriendinnen in vertrouwen te nemen. Ik bezoek de huisarts en die verwijst me door naar diezelfde akelige gynaecoloog. Met lood in mijn schoenen kom ik daar aan, ik mag mijn broek uit doen en hij kijkt er even naar. Hij ziet niets geks en terwijl hij met zijn assistente ruzie maakt over het printpapier dat op is, krijg ik een zalfje voorgeschreven. Een beetje beduusd verlaat ik het ziekenhuis. Ik besluit verder te zoeken en kom bij een bekkenbodemfysiotherapeut terecht. Ze start met inwendig onderzoek en voelt wel wat spanning rondom het littekenweefsel. Na een paar weken kom ik er met wat ontspanningsoefeningen bekaaid vanaf. Ik begin bijna te denken dat ik me aanstel. Ik laat het weer even voor wat het is en probeer aan het idee te wennen dat het misschien wel nooit overgaat.

Paniekaanvallen

In juni 2020 komen we erachter dat ik weer zwanger ben, de test geeft 1-2 weken aan. Op zich een wonder, want de pijn in mijn litteken draagt niet bij aan een fijn en rijk leven tussen de lakens. We zijn blij en vertellen het onze ouders meteen. Een week later krijg ik een hevige bloeding en lijkt het erop alsof dit vruchtje mijn lichaam weer verlaten heeft. Het verdriet is groot, ondanks dat ik maar een week wist dat ik zwanger was. 

In augustus 2020 ben ik weer zwanger. We zijn blij en dankbaar, maar ook verward. Heb ik wel echt een miskraam gehad? Is dit nog het eerste vruchtje? Een bezoek aan de verloskundige geeft ons wat meer informatie. Ze denkt dat ik een vroege miskraam heb gehad en dat ik opnieuw zwanger ben geraakt. Ik ben inmiddels 7 weken in verwachting. We zijn dankbaar en blij, maar direct steekt angst de kop op. Ik kom er nu pas achter hoe traumatisch mijn eerste bevalling is geweest. Ik leef iedere dag in angst, ervaar diverse paniekaanvallen en voel schuldig naar onze nieuwe baby. In januari bereik ik voor mijn gevoel een dieptepunt, mijn man vraagt mijn moeder en vriendinnen om hulp. Na die dag besluit ik dat het goed is om hulp te zoeken. De verloskundige is al vanaf het begin op de hoogte van mijn angsten en zij verwijst me door naar een gynaecoloog in een ander ziekenhuis. Ik wil graag van hem horen of dat zere litteken een belemmering kan vormen bij deze bevalling. Hij neemt de tijd voor mij en mijn verhaal en ik krijg eindelijk wat erkenning. Hij ziet me en hoort me aan. Ik krijg weer een sprankje hoop. Na een heel fijn gesprek besluit hij nog even naar het litteken te kijken. Hij concludeert dat dit geen belemmering zal vormen en biedt nu al zijn hulp aan voor mijn herstel na deze bevalling. Moe maar voldaan verlaat ik zijn kamer en terwijl hij met me meeloopt, spreekt hij me bemoedigende woorden toe. Ik krijg er tranen van. Hij verwijst me door zijn collega, een GZ-psycholoog.

Na deze fijne ervaring besluit ik dat ik in dit ziekenhuis wil bevallen. Niet meer terug naar die nare man. Fysiek gezien is deze zwangerschap al zwaarder, mentaal gezien is het loodzwaar. De nachten zijn vaak moeilijk, ik steeds zie ik beelden voor me van een vreselijke bevalling. Vooral de uitdrijvingsfase lijkt me verschrikkelijk. Een cursus hypnobirthing, wekelijkse afspraken bij de osteopaat, gesprekken met een GZ-psycholoog, dagelijks ontspanningsoefeningen en goed contact met de verloskundigen maken me stukje bij beetje zelfverzekerder. Ik maak nog een afspraak voor EMDR-therapie, maar zie hier op het laatste moment vanaf. Het gaat net wat beter met me, ik heb niet zo’n zin om in de krochten van mijn ziel weer allerlei problemen op te duikelen. 

‘Het is gelukt, het zit erop. Dit hoef ik nooit meer te doen’

Op 26 maart beginnen ‘s avonds de weeën. Hoewel ik heel gespannen ben, probeer ik vertrouwen te hebben in een goede en vlotte bevalling. De hele nacht heb ik lichte weeën. De verloskundige komt ‘s nachts even langs en meet 2 centimeter ontsluiting. Onze zoon komt om 06.30 uur even bij me liggen en zegt uit het niets; ‘Mama, babybroer komt eraan’. Hij voelt het blijkbaar aan, want hij heeft niets gehoord die nacht. Mijn man brengt hem naar opa en oma en ontvangt daarna de verloskundige bij ons thuis. Ze meet nu 3 centimeter! Ik vang de weeën op door mee te zingen en te dansen op muziek. Dat gaat me goed af. Rond 12.00 uur heb ik 5 centimeter ontsluiting, daar heb ik relatief weinig last van gehad. Zou ik het dan toch kunnen? We gaan naar het ziekenhuis. Na 2 coronatests en een uur quarantaine besluit de verloskundige mijn vliezen te breken. Na 2 uur heftige weeën blijk ik maar 1 centimeter erbij te hebben. Een paniekaanval is het gevolg. Daar gaan we weer, dacht ik. Mijn eigen verloskundige besluit direct in te grijpen. Ze gaan me helpen en snel ook. Binnen een half uur lig ik op een andere afdeling, heb ik weeënopwekkers gekregen en een morfinepomp. Dit keer geen ruggenprik voor mij. Ik voel me een ander mens en voel weer de kracht om door te gaan. Binnen een uur heb ik volledige ontsluiting en mag ik persen. Elf minuten en twee huidhechtingen later is daar onze tweede zoon. Ik ben dankbaar en trots, maar het meeste overheerst nog de opluchting. Het is gelukt, het zit erop. Dit hoef ik nooit meer te doen.

Nu zijn we 3 maanden verder en ben ik goed hersteld. Het leven met twee kinderen vind ik zwaar, maar deze baby is zo fijn en makkelijk. Wat een cadeautje. Het litteken van mijn eerste bevalling voel ik helaas nog steeds. Volgende week mag ik naar de gynaecoloog en ik heb goede hoop dat hij me gaat helpen. Hoewel we misschien dolgraag nog meer kindjes zouden willen, heb ik mijn portie wel gehad, zowel fysiek als mentaal. Mijn taak zit erop en ik hoop dat ik weer volledig kan herstellen.”

How About Mom in jouw inbox?

Meld je aan voor onze maandelijkse nieuwsbrief