Toen zijn vriendin Nina aangaf dat ze kinderen wilde, had Dirk nog iets meer tijd nodig. Als organisatiepsycholoog was hij al jaren bezig met gedrag en patronen, en juist daardoor besefte hij hoe automatisch je zaken doorgeeft aan je kinderen. “Ik had zoiets van: ik wil eerst nog bepaalde dingen in mezelf oplossen, voordat ik vader word.” Hij besloot met een psycholoog te gaan praten, nog voordat ze begonnen aan kinderen.
Inmiddels is hij vader van drie zoons en woont hij met zijn gezin in Portugal.
Samen met Nina werkt hij aan Boyhood, een project waarin ze onderzoeken wat jongens nodig hebben in hun opvoeding, hoe we anders kunnen kijken naar mannelijkheid en de rol van ouders daarin. Hun boek ligt begin 2027 in de winkels.
Naam: Dirk Schrijver
Leeftijd: 41
Kinderen: drie zoons (4, 6 en 9)
Leefsituatie: samen met Nina
Beroep: organisatiepsycholoog
Je bent naar een psycholoog gegaan voordat je vader werd. Kun je meenemen in dat proces en hoe dat je kijk op vaderschap heeft gevormd?
“Toen Nina zei dat ze kinderen wilde, had ik niet meteen: ja, laten we dat doen. Ik voelde echt dat ik eerst nog dingen in mezelf wilde oplossen, voordat ik vader zou worden. Omdat ik bepaalde dingen niet wilde doorgeven. Ik had daar al veel over gelezen en vanuit mijn studie wist ik ook: als je niet bewust bent van je eigen patronen, dan geef je ze automatisch door.
“Bij die psycholoog leerde ik dat emoties als schuldgevoel en een gevoel van tekortschieten al sinds mijn jeugd in mij vastzaten, en dat dit te maken had met dingen die in mijn gezin waren gebeurd. Op een gegeven moment voelde ik: dit ga ik niet meer doorgeven. Niet dat alles ineens opgelost was, maar ik voelde wel dat ik er nu naar kon kijken. Toen wist ik: nu ben ik er klaar voor. Ik heb Nina meegenomen uit eten en gezegd dat we meteen konden beginnen, haha.”
Meer verhalen over vaderschap: How About Dad
Hoe heb je Nina’s zwangerschap ervaren?
“Tijdens de zwangerschap merkte ik: als man heb je eigenlijk geen idee. Bij haar gebeurt er van alles. Haar lichaam verandert, ze voelt het kind bewegen. Ik voelde nog niks. Ik was vooral bezig met praktische dingen. Financiën regelen, de kinderkamer in orde maken. Dat maakte het een beetje echt. Het gevoel van: nu word ik vader, kwam bij mij pas toen ik onze eerste zoon in mijn armen had.”
Hoe heb je de geboorte en die eerste periode daarna beleefd?
“De bevalling zelf vond ik heel bijzonder. Thuis, op onze slaapkamer, zag ik wat een kracht er uit Nina kwam. Ik had verwacht dat ik misschien zou gaan huilen, maar ik was vooral verwonderd. Ik vond het eervol dat ik erbij mocht zijn. Maar daarna werd het heftig. Nina kreeg complicaties en moest met spoed mee naar het ziekenhuis. Ik stond daar met mijn pasgeboren zoon in mijn armen, en dacht: word ik nu single dad? Dat was echt een existentiële angst. Dat je in één keer denkt: mijn hele leven kan er nu anders uitzien.
Dat moment zorgde er ook voor dat ik er meteen stond. Er was geen ruimte om rustig te wennen. Ik moest er gewoon zijn. In die weken erna, toen Nina in het ziekenhuis lag, heb ik de zorg voor onze zoon volledig op me genomen en een goede band met hem opgebouwd. Het voelde meteen als mijn plek, als een oergevoel, het klopte gewoon.”
Je bent organisatiepsycholoog. Heeft vader iets veranderd in je werk?
“In mijn werk zie ik regelmatig dat mensen, vooral mannen, moeilijk met emoties om kunnen gaan. In gesprekken gaat het zelden over doelen of strategie, uiteindelijk komen we altijd uit bij dagelijkse momenten. Een lastige interactie met een collega, een ruzie thuis, of het gevoel dat er veel van ze verwacht wordt, en dat ze daar niet aan kunnen voldoen.
Zelf heb ik vroeger ook nooit echt ervaren dat er ruimte was voor mijn gevoel. Dat probeer ik bij mijn zoons anders te doen. Als een van de jongens buikpijn heeft, dan probeer ik te kijken wat eronder zit. Negen van de tien keer is er iets wat hij voelt of nog niet goed kan plaatsen. Daar probeer ik dan even bij te blijven en het serieus te nemen. Ik hoop dat dit hen leert om later in situaties ook beter naar hun gevoel te luisteren.”
Hoe is het om in Portugal te wonen, met een jong gezin?
“We wilden al langer naar het buitenland. Dat verlangen was er al. Toen de kinderen nog jong waren zijn we gaan reizen en toen dachten we: waarom doen we dit niet gewoon? In Nederland is alles volgepland. Als er iets misloopt, zit je meteen in de stress.
Hier heb je gewoon meer ruimte. Letterlijk en figuurlijk. Dat merk je meteen. Meer tijd, meer rust, meer aandacht voor elkaar.
Dat geeft mij ook ruimte om anders te reageren. Als een kind bepaald gedrag vertoont, kan ik hier eerder zeggen: wat is er echt aan de hand? In Nederland zou je sneller doorgaan. Hier heb ik meer rust om te kijken wat er speelt.”
Hoe combineren jullie werk en gezin en hoe maak je daarin keuzes?
“Ik werk met leiders en bedrijven, vaak internationaal. Een deel kan remote, dus dat geeft vrijheid. Met teams moet je er wel echt zijn, dus ik reis nog wel, maar minder dan vroeger. Dat is ook een bewuste keuze. Ik wil er niet alleen af en toe zijn, ik wil er echt zijn voor mijn gezin. Vroeger probeerde ik iedereen tevreden te houden. Nu kies ik veel bewuster waar ik mijn energie in stop.
Tegen welke verwachtingen loop je aan als vader?
“Wat eigenlijk heel mooi is, maar ook heel moeilijk: onze generatie is de eerste lichting die het helemaal anders wil doen. Allebei werken, allebei evenveel zorgen. Hoe houd je de balans dan goed? Dat is een constante zoektocht die je jezelf moet toestaan. Het vraagt veel afstemming met elkaar als stel. Je hoeft het nog niet allemaal honderd procent perfect te doen, als je je maar bewust bent van je eigen wensen en denkbeelden, en die van je partner.”
Je werkt aan Boyhood. Wat wil je daarmee zichtbaar maken over jongens en vaderschap?
“Wat ik heel interessant vind, is hoe jongens zich ontwikkelen en wat ze nodig hebben. We kijken vaak op één manier naar jongens, maar zij openen zich soms anders. Niet altijd door te praten, maar juist door samen iets te doen. Naast elkaar lopen, iets bouwen, buiten zijn. Daar gebeurt vaak veel meer.
Wat ik ook interessant vind, is dat uit onderzoek helemaal niet blijkt dat jongens en meisjes bij de geboorte zo extreem van elkaar verschillen. Veel zit ook in hoe wij kijken en wat we verwachten. Als je al verwacht dat een jongen minder praat of minder voelt, dan ga je hem ook zo benaderen. Dan ga je dat dus ook terugzien. Met Project Boyhood willen we daar bewuster naar kijken. Wat heeft een kind nodig? De vraag die als een rode draad door het boek loopt, is: waar doe je als ouder nou goed aan?”
Wat hoop je je zoons mee te geven?
“Dat ze zichzelf kunnen zijn, en dat ze hun emoties kunnen uiten. Dat ze voelen dat daar ruimte voor is. Zodat ze opgroeien tot stevige mannen die zelfbewust in de wereld staan.
“Volgens mij begint dat bij jezelf. Hoe jij erin zit als ouder, bepaalt zoveel. Je geeft dingen door, of je het nou wil of niet. Als je dat ziet, heb je een keuze. Stel dat we 10 procent bewuster in de opvoeding zouden staan, dat zou dat al zoveel teweeg kunnen brengen.”
Meer verhalen over vaderschap lezen? Bekijk How About Dad

