hoe voelt een postpartum depressie
27/07/2022

“Ik belande op een gesloten afdeling na mijn bevalling”

Auteur

Datum

Categorie

Share

Hoe is het om zó overmand te worden door een postpartum depressie, dat je moedergevoelens naar de achtergrond verdwijnen? Deze week deelt Sarah haar ervaring. “Hoe kan een ‘normaal‘ functioneerde vrouw zo ontzettend verward raken? Hoe kan zoveel stress zorgen voor een verstoring in je bewustzijn, waardoor je zelfs de liefde voor je eigen kind niet meer voelt?”

“Vorig jaar juli ben ik bevallen als bewust alleenstaande moeder van mijn prachtige zoon. Door een zwangerschapsvergifting zijn wij een week in het ziekenhuis moeten blijven.”

“Mijn postpartum depressie is een sluipmoordenaar geweest. In het begin leek er weinig aan de hand, buiten het feit dat ik zowel lichamelijk als mentaal aan het bijkomen was van de bevalling aangezien ik mij erg ziek heb gevoeld door de zwangerschapsvergifting. Ik genoot van mijn zoon en leek even op de ‘roze wolk’ te zitten.”

Continu ‘aan’ staan

“Pas naderhand merkte ik dat ik mijzelf kwijt begon te raken. Mijn zoon huilde erg veel door darmkrampjes. Ik sliep heel slecht, mijn lijf stond continu ‘aan’ en in mijn hoofd was ik dwangmatig bezig met de verzorging van mijn zoon. Zijn slaapjes, voeding, alles moest perfect.”

“Ik probeerde om dit gevoel bespreekbaar te maken met mijn omgeving, ik kreeg te horen dat dit normaal was als kersverse moeder. Ik keek de documentaire Roze wolk. Deze moeders hadden geen gevoel voor hun baby, dit was bij mij wel het geval, daardoor dacht ik dat ik geen postpartum depressie had.”

Overtuigd dat ik een hersentumor had

“Drie maanden na de geboorte van mijn zoon escaleerde de situatie volledig. Ik kon niet meer slapen, ik kreeg paniekaanvallen, ik voelde mij zo enorm depressief. Ik dacht letterlijk dat ik gek aan het worden was. Ik ben samen met mijn zoon bij mijn moeder gaan wonen. Door alle depressieve gevoelens kreeg ik suïcidale gedachtes. Ik voelde mij ook continu zó ziek – van zweten, trillen tot wazig zien – dat ik ervan overtuigd was dat ik een hersentumor had. Met deze overtuiging ben ik ook een aantal keren bij de huisarts geweest. Ik bleef non stop op internet zoeken welke ziekte ik kon hebben.”

“Weer maakte ik een afspraak bij de huisarts. In eerste instantie kreeg ik slaapmedicatie, maar die hielp ook niet. Ik begon in de nacht rond te dwalen en gevaarlijke dingen te doen, zoals in die verwarde toestand in de auto stappen.”

“Opnieuw zat ik bij de huisarts. Daar kreeg ik de vraag of ik suïcidale gedachten had. Dit was het geval, bekende ik. De huisarts stuurde me daarom gelijk door naar de crisisdienst. Eenmaal bij de crisisdienst gaf ik aan dat ik het gevoel had dat ik de grip volledig aan het kwijtraken was.”

Psychiatrische crisisbehandeling thuis

“Zo startte ik met antidepressiva en kreeg begeleiding van IHT, psychiatrische crisisbehandeling thuis. Ik wist dat ik me tijdelijk nog slechter kon voelen na het starten met antidepressiva, dus ik vertrok naar een vakantiehuisje. Ik wilde niet dat mijn zoon mij nog slechter zou zien. Ik kon me op dat moment ook niet voorstellen dat een mens zich nóg slechter kon voelen dan ik me op dat moment voelde.”

“24/7 was er iemand bij me omdat ik niet meer alleen kon zijn. Mijn zoon verbleef bij mijn moeder. Ik kreeg elke dag bezoek van de psychiatrische crisisbehandeling thuis. Zodra ik me overdag ‘redelijk’ voelde, ging ik naar mijn zoon. Ik heb uren met hem geknuffeld op de bank. Ik voelde altijd nog de liefde voor mijn zoon, maar ik was van binnen zo ontzettend verdrietig, angstig, depressief en ontzettend boos op de situatie.”

Zwarte deken over me heen

“In december leek het wat beter te gaan. Ik was zelfs aan het denken wanneer ik weer thuis kon gaan wonen. Toen ik een keer alleen thuis was in mijn eigen woning met mijn zoon, kreeg ik een hyperventilatie. Ik raakte zo in paniek dat ik een glas kapot heb gegooid. Mijn zoon sliep op dat moment. Mijn moeder kwam me halen en trof me volledig in paniek aan. Samen zijn we naar haar huis gegaan. De dag erna ging het licht volledig uit bij me. Het leek alsof ik een zwarte deken over mij heen kreeg. Ik voelde mij volledig verlamd en had geen enkel gevoel meer. Ik kreeg z’n heftige hyperventilatie, ik raakte volledig in paniek. Ik kreeg geen lucht meer, ik zag niks meer, mijn benen voelde ik niet meer en ik kon niet meer praten. In paniek heb ik een mes gepakt en heb ik mijzelf gesneden in mijn arm omdat ik íets wilde – of moest – voelen.”

“Mijn moeder belde de ambulance, ook zij kregen mij niet uit de hyperventilatie. Ik was ervan overtuigd dat ik een epileptische aanval had door mijn ‘hersentumor’. Uiteindelijk werd ik meegenomen naar het ziekenhuis. Omdat ik niet meer uit de hyperventilatie kwam, kreeg ik medicatie. Het effect daarvan was dat mijn adem heel even gestopt is, waarop ik beademd moest worden. Ik ben in slaap gevallen en een half uur later werd ik in een ziekenhuisbed wakker.”

“De crisisdienst stond naast mij bed. Ik kreeg de mogelijkheid om opgenomen te worden. Ik heb de keuze gemaakt om mee te gaan omdat ik diep van binnen voelde dat het niet meer ging. De eerste week op de afdeling was verschrikkelijk. Ik kreeg heel vaak paniekaanvallen, ik dwaalde regelmatig verward rond het ziekenhuis en het personeel gaf mij het gevoel alsof ik onzichtbaar was. Ik voelde me hier zo enorm eenzaam.”

Hyperventilatie en paniekaanvallen

“In een verwarde toestand heb ik mijn spullen gepakt omdat ik daar niet meer wilde zijn en ben ik naar een hotel gegaan. Hier kreeg ik paniekaanvallen, werd ik achterdochtig en had ik het gevoel dat ik in een psychose begon te raken. Als ik naar de tv keek dacht ik bijvoorbeeld dat ik zelf op tv zou komen: ‘verwarde vrouw vermist’. Of ik dacht dat ze in het ziekenhuis zoveel bloed hadden afgenomen omdat ze dachten dat ik drugs had gebruikt. Ik heb zelfs op het balkon van mijn hotelkamer gestaan en gedacht ‘wat als ik hiervanaf spring’. Mijn hele lichaam trilde bij die gedachte.”

“Uiteindelijk liet ik een vriendin weten dat ik in een hotel zat. Gelukkig is zij gekomen en heeft zij mijn moeder op de hoogte gebracht. Samen met haar ben ik naar huis gegaan. Eenmaal thuis kreeg ik door dat ze de crisisdienst hadden gebeld. Na een douche trok ik een nette blouse aan, want ik was vastberaden mij niet verplicht op te laten nemen. Dankzij mijn werk ben ik vaker in aanraking geweest met de crisisdienst, en wist ik dus precies wat ik moest zeggen om geen crisismaatregel te krijgen.”

Volledig vervreemd van de buitenwereld

“In gezamenlijk overleg werd besloten dat ik werd opgenomen op een gesloten afdeling. Daar ben ik twee en een halve week geweest. Tijdens de opname maakte ik een derealisatie mee. Tijdens een derealisatie zijn bepaalde functies in de hersenen tijdelijk verstoord, als beschermingsmechanisme bij (zeer) stressvolle gebeurtenissen. Dit gevoel is met geen pen te omschrijven. Ik voelde mij volledig vervreemd van de buitenwereld, alles leek een film. Het voelde alsof ik in een bubbel leefde en mijn omgeving voelde vreemd, dus ook mijn zoon. In mijn hoofd was ik alleen nog maar bezig met de dood, want ik was ervan overtuigd dat dit nooit meer goed zou komen.”

“Ik raakte volledig in paniek, want waar was mijn gevoel voor mijn zoon? Ik wilde niemand meer zien, niemand mocht meer op bezoek komen. Uiteindelijk verbeterde de situatie door gesprekken met de psycholoog, en kon mijn zoon dagelijks op bezoek gekomen. Ook al voelde ik niks, hij moest wel zijn moeder voelen.”

“Gaandeweg merkte ik dat de suïcidale gedachten meer naar de achtergrond verdwenen, dat mijn gevoel weer terug aan het komen was en dat de heftigste depressie ook naar de achtergrond ging. Eind december kreeg ik ontslag van de gesloten afdeling.”

Van normaal functioneren naar gedwongen opname

“Die opname is nu zeven maanden geleden. Ik ben op dit moment nog herstellende. Dat proces gaat natuurlijk met vallen en opstaan. Ik ben het vertrouwen in mijn eigen lichaam en geest kwijt. Hoe kan een ‘normaal‘ functioneerde vrouw zo ontzettend verward raken? Hoe kan zoveel stress zorgen voor een verstoring in je bewustzijn, waardoor je zelfs de liefde voor je eigen kind niet meer voelt? “

“Ik ben bezig om het allemaal een plekje te geven. Afgelopen jaar vocht ik als een leeuw tegen deze vreselijk ziekte. De ziekte die ervoor heeft gezorgd dat ik het eerste jaar van mijn zoon niet volledig heb meegekregen. Deze ziekte heeft ervoor gezorgd dat ik nu nog dagelijks leef in angst. Angst of deze duivel ooit nog terugkomt. Maar ondanks dat blijf ik vechten als een leeuw voor een mooie toekomst samen met mijn zoon.”

“Tegen alle moeders wil ik zeggen: trek alsjeblieft meteen aan de bel zodra je merkt dat je je niet goed voelt. Maak het bespreekbaar met je omgeving. Ga naar de huisarts en vraag om hulp. Ook al voel je je verdomd alleen, je bent niet alleen!”

De naam Sarah is gefingeerd, echte naam en contactgegevens zijn bekend bij de redactie.

Denk je aan zelfmoord? Via 113 Zelfmoordpreventie kun je  – anoniem – chatten en bellen (0800-0113, 24/7 beschikbaar.

How About Mom in jouw inbox?

Meld je aan voor onze maandelijkse nieuwsbrief