Moeder van een (veel) te vroeg geboren kindje

Ondanks dat je weet dat het kan gebeuren, kun je je nauwelijks voorbereiden op een vroeggeboorte. Het gebeurt vaak heel onverwacht – de babykamer is nog niet af, je bent misschien nog aan het werk en je hebt nog een eindeloze to-do list voor je – en kan veel angst, spanning en verdriet met zich meebrengen. We praten hierover met Eline, wiens dochter met 32 weken werd geboren, en Tamara, gespecialiseerd moeder-pasgeborene verpleegkundige. 

Eline Bylemans (29 jaar) is de moeder van Léonie. “In maart 2017 kwamen we te weten dat ik zwanger was van Léonie. Mijn uitgerekende datum was 21 november. We waren helemaal in de wolken en keken heel erg uit naar haar komst. Tijdens de zwangerschap was ik ’s morgens heel vaak misselijk maar dit ging in de loop van de dag beter. Begin september ging ik opnieuw lesgeven, ik geef Frans in het middelbaar onderwijs, maar na een paar dagen voelde ik dat het zwaar werd. Ik was heel moe en mijn bloeddruk was ook aan de hoge kant. Ik ging op consultatie bij de gynaecoloog, maar volgens hem was er niets aan de hand. Enkele dagen later ging ik terug en werd ik meteen aan de monitor gelegd omdat er ook eiwitten in mijn urine werden gevonden, ik was toen 32 weken zwanger dus het angstzweet brak al uit. Ik bleek een zwangerschapsvergiftiging en het Hellp-syndroom te hebben.”

“Op 27 september werd Léonie met een spoedkeizersnede ter wereld gebracht omdat het anders te gevaarlijk werd voor mij. Alles gebeurde zo snel en we beseften zelf niet wat er gebeurde. Opeens waren wij mama en papa, twee maanden vroeger dan verwacht. Léonie kreeg een klaplong en werd naar het Universitair Ziekenhuis Antwerpen gebracht terwijl ik nog in het ziekenhuis in Turnhout lag, waar ik was bevallen. Ik werd nadien ook wel overgebracht naar Antwerpen, maar na enkele dagen werd ik al ‘ontslagen’ uit het ziekenhuis. Dat was een hele hectische periode aangezien ik zelf nog niet eens goed kon lopen. Ik was nog heel slap. Bovendien lag Léonie in Antwerpen terwijl wij in Turnhout wonen, wat een hele afstand is. Als ik hierop terugkijk, vraag ik me heel vaak af hoe we dit allemaal gedaan hebben. We leefden echt op automatische piloot, elke dag met zoveel schrik en angst dat het met Léonie slecht zou aflopen. Het was echt verschrikkelijk.”

“In het ziekenhuis, op de afdeling neonatologie, was er wel altijd een psycholoog aanwezig als dit nodig zou zijn. Ik heb zelf eigenlijk nooit met een psycholoog gesproken, hoewel ik soms wel denk dat dit wel een goed idee zou zijn. Om mijn ervaring beter te kunnen verwerken, want het was voor mij een traumatische gebeurtenis met een enorme emotionele impact. Na twee maanden mocht Léonie gelukkig toch naar huis. We zijn zo dankbaar dat dit allemaal goed gekomen is.”

Eline met dochter Léonie

Als gespecialiseerd moeder-pasgeborene verpleegkundige in het OLVG Oost in Amsterdam ziet Tamara regelmatig te vroeg geboren baby’s en hun ouders in het ziekenhuis. “Er gebeurt zoveel tegelijkertijd, waarbij je als moeder vaak meteen in het diepe wordt gegooid. Angst en onzekerheid die je niet kent. Verdriet en bezorgdheid krijgen een andere dimensie dan daarvoor. Waarschijnlijk had je alles heel anders voor je gezien. Alles in jou wilt dat je kindje nog niet geboren wordt, maar je moet je overgeven. Je moet je idealen loslaten en het leven van je kindje in de handen van de professionals leggen. Je ziet je kindje lijden, omdat het bijvoorbeeld een infuus of een onderzoek nodig heeft. Ook al weet je dat het goed is, is dat als moeder moeilijk om te zien. De belangrijke – soms levensbepalende – beslissingen waar je als ouders mee te maken krijgt, kunnen een enorme impact op je mentale staat hebben.”

Je staat er niet alleen voor

“Alle heftige emoties gaan natuurlijk ook gepaard met emoties als trots, blijdschap en heel veel liefde voor jouw kindje. Het kan moeilijk zijn om die emoties allemaal toe te laten en die naast elkaar te ervaren. Via het ziekenhuis is het mogelijk om met een psycholoog te praten, om jou of jullie als partners te helpen bepaalde gebeurtenissen en gevoelens een plekje te geven”, zegt Tamara.

“Mentale ondersteuning is ontzettend belangrijk om te verwerken wat jou en jullie is overkomen. Ik vraag moeders altijd om te praten over het traject. Hoe voelde je je toen het infuus bij je kindje vijf keer overnieuw moest worden geprikt of toen je kindje koorts kreeg en jij hem of haar niet bij je kon pakken om te zorgen voor jouw baby? Juist dat is waar moeders vaak pas veel later over praten en soms opgekropte gevoelens of onbeantwoorde vragen aan overhouden.” 

Het is ook mogelijk om beroep te doen op een maatschappelijk werker, vertelt Tamara, voor mentale ondersteuning, het delen van je verhaal en het meedenken over praktische zaken. Bijvoorbeeld als jij uit het ziekenhuis ontslagen bent en iedere dag op en neer moet reizen van en naar het ziekenhuis. Zeker als je dit bijvoorbeeld combineert met de zorg voor nog een kindje thuis. Ook dit is voor moeders een zware fysieke en mentale last.

Jouw eigen herstel

Vergeet ook niet jouw eigen lijf, benadrukt Tamara. “Jij hebt een bevalling achter de rug, soms een (spoed)keizersnede, waar je ook van moet herstellen. Je kunt pijn hebben en zult veel moeten rusten. Je kunt daardoor niet continu bij je kindje zijn, daar voel je je misschien ook schuldig over. Weet dat je hier niets aan kunt veranderen, ook mama’s die ‘gewoon’ thuis zijn met hun baby’s zullen af en toe de zorg uit handen geven om zelf te rusten en te genezen. Waar het mogelijk is zal de verpleegkundige je betrekken bij de zorg voor je kindje en hem of haar bij je neerleggen als je baby comfort zoekt.”

Voeding is nog iets waar je meteen over moet nadenken voor je kindje, vertelt Tamara. “Moedermelk is de beste voeding voor een prematuur, maar vaak kan je kindje nog niet aan de borst drinken. Dit betekent dat je ook meteen moet starten met kolven wanneer je lichaam dat aankan. Het beeld wat je had over borstvoeding moet je hierbij ook (tijdelijk) loslaten. Soms komt je productie lastig op gang. Bijvoorbeeld door de stress of door je eigen herstel. Deel dit ook met de verpleging, zij kunnen je helpen door een lactatiedeskundige in te schakelen of gewoonweg wat tijd nemen om het proces met je door te spreken en je te helpen om je productie zo optimaal mogelijk te krijgen.” 

Meer lezen?

Wat houdt een premature bevalling in?